#10 Medeorganisator van Hof en Hiemfeesten zelf ‘geraakt’ in Sri Lanka

Jouke de Vries, directeur evenementenbureau ‘to be in Touch Events’
Iedereen die een medewerkers- of vrijwilligersfeest van Hof en Hiem heeft bezocht, kent hem vast: Jouke de Vries, de man die zulke avonden aan elkaar praat. “Met Jan Veenstra en de feestcommissie maak ik ruim van tevoren een programma en daarna is het een kwestie van invullen,” klinkt als eenvoudig kunstje waar flink wat organisatietalent aan te pas komt. Maar De Vries heeft ook een ándere kant dan die van feesten en partijen. Toen Sri Lanka overstroomd raakte door de tsunami, kreeg zijn bedrijfsslogan ‘to be in touch’ voor hem een andere toonzetting. “Ik moest erheen!” Dat was de eerste stap naar Stichting Stamppotje.

Confrontatie
Tweede Kerstdag 2004. Een zeebeving in de Indische Oceaan zorgde voor een desastreuze tsunami in onder andere Indonesië, Thailand, India en Sri Lanka. Thuis in Friesland raakte Jouke de Vries ‘overspoeld’ door de televisiebeelden tijdens het journaal. Het stond voor hem als een paal boven water: daar moet ik naartoe. Begin februari 2005 stond hij, samen met de vroegere directeur van Hof en Hiem Jan Veenstra en nog twee gemeenschappelijke vrienden, in het rampgebied. “Het was mijn eerste reis naar Azië, dus een cultuurschok. Maar zeker de confrontatie met die ravage was moeilijk.” Geen kijkers maar doeners “We hadden een container boordevol spullen laten verschepen,” vervolgt Jouke de Vries. “Jan Veenstra en ik hebben allebei een groot netwerk. Via dat kanaal en met
hulp van Rotary-vrienden kregen we hulpgoederen. Bedden, schooltafeltjes en -stoeltjes, een generator.” Helaas, door politieke verwikkelingen in die hectische
periode kwam de container niet zo snel boven water. Op een van de wachtdagen bezocht Jouke de Vries het lokale schooltje. “Ik heb van nature een klik met kinderen, en dat is meestal wederzijds.” Dat een taalbarrière daar niets aan afdoet, bleek toen de andere drie hem eind van die middag kwamen ophalen. “De kinderen scandeerden mijn naam.”

Voedingsbodem
Een paar dagen later gingen de buitenlandse bezoekers terug, nu om een warme maaltijd voor de kinderen te maken. Voldoende te eten hebben bleek daar geen
vanzelfsprekendheid, constateerde Jouke, in zijn vroegere leven actief als kok. “Ik vond dat zo schrijnend dat ik vóór ons vertrek beloofde die situatie ten goede te veranderen.” Met de murw geworden blik in Sri Lankaase ogen (door eerdere, niet nagekomen beloften) nog op zijn netvlies, ging Jouke thuis direct aan de slag. Bij een notaris liet hij Stichting Stamppotje registreren. “Die naam is een soort eerbetoon aan Sampath, het tienjarige jongetje dat me thee had aangeboden en mijn door de zon verbrande nek had ingesmeerd met olie. De pijn was meteen over.” Twaalf jaar later heeft Stichting Stamppotje voldoende inkomsten om in Pamunugama dagelijks 200 schoolkinderen een warme maaltijd te geven. “En we doen meer! Mensen uit de buurt eten soms mee, en bij dit Santosa-project kunnen ook volwassenen zich ontwikkelen, zoals met naai- of computerles,” vertelt Jouke, die zeker al vijftien keer is teruggeweest. Naast zijn evenementenbureau is Jouke de Vries stadionspeaker bij Heerenveen, gastspreker, en verbindt hij huwelijken als Buitengewoon Ambtenaar van de Burgerlijke
Stand. “Allemaal extra inkomsten voor Stichting Stamppotje. Gelukkig zijn er ook veel vrienden bereid tot donaties, zoals via het jaarlijkse fundraisingdiner waarvoor ook Jan Veenstra zijn netwerk benadert.”

Buitenlandse familie
In de loop der jaren zijn kinderen groot geworden. Sommigen hebben al een gezin. “Er is zelfs een jongetje naar mij vernoemd,” vertelt Jouke de Vries, die zijn naamgenoot ten doop mocht dragen. Soms realiseert hij zich pijnlijk de wereld van verschil. “Een klein meisje dat een ongeluk met haar handje had, zou de rest van haar leven als gehandicapte verder moeten. Want de 375 euro voor de operatie kon haar familie niet betalen. Dat ik die kosten vergoed, is voor mij niet meer dan logisch. Zo heb ik misschien impact op hun leven, maar omgekeerd zij ook op het mijne. Die buitenlandse familie is een waardevolle rijkdom.”